Streepjescodes voor papieren formulieren gebruiken

Een uniek bijschrift opgeven voor de streepjescode voor papieren formulieren

  1. Selecteer de streepjescode voor papieren formulieren in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Veld, schakel de optie Label automatisch genereren uit en typ een bijschrift in het vak Label.

Een bijschrift genereren voor de streepjescode voor papieren formulieren

  1. Selecteer de streepjescode voor papieren formulieren in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Veld en schakel de optie Label automatisch genereren in.

De symbolen opgeven voor de streepjescode voor papieren formulieren

  1. Selecteer de streepjescode voor papieren formulieren in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Veld en selecteer een van de volgende opties in de lijst Symbolen:

    • PDF417

    • QR-code

    • Gegevensmatrix

    Opmerking: Eindgebruikers die een formulier invullen met een streepjescode van het type QR-code of Gegevensmatrix, hebben Acrobat 7.0.5 of hoger of Adobe Reader 7.0.5 of hoger nodig. De decodering van streepjescodes van het type QR Code en DataMatrix wordt ondersteund in Adobe® LiveCycle® Barcoded Forms 7.0, maar niet in Adobe® LiveCycle® Barcoded Forms 7.0 Standalone (ST).

De scanmethode opgeven voor streepjescodes voor papieren formulieren

  1. Selecteer de streepjescode voor papieren formulieren in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Veld en selecteer een van de volgende opties in de lijst Scanmethode:

    • Handscanner

    • Faxserver

    • Documentscanner

    • Aangepast

  3. Als u Aangepast selecteert, kunt u tevens aangepaste decoderingsinstellingen opgeven.

Aangepaste decoderingsinstellingen opgeven voor een streepjescode voor papieren formulieren

  1. Selecteer de streepjescode voor papieren formulieren in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Veld en selecteer Aangepast in de lijst Scanmethode.

  3. Als u de decoderingseigenschappen wilt wijzigen, selecteert u de waarde in de lijst Waarde naast de eigenschap.

    Opmerking: Als u de streepjescode wilt decoderen met een handscanner, moet u geen streepjescodes maken die breder zijn dan tien centimeter. Langere en smallere streepjescodes werken meestal beter bij handscanners.

Bepalen hoe gegevens worden gecodeerd in een streepjescode voor papieren formulieren

Als u het object Streepjescode op formulier in een formulierontwerp gebruikt, moet u de indeling opgeven die voor de streepjescode wordt gebruikt bij het coderen van de gegevens en moet u ook opgeven welke gegevens worden gecodeerd. U de volgende gegevensindelingen opgeven:

  • XML

  • Gescheiden

Beide opties bevatten een script voor het object Streepjescode op formulier waarin staat dat een bepaald gegevenstype moet worden gebruikt om de gegevens te coderen.

U kunt uw eigen script opgeven om de gegevens te coderen. Zie Een aangepast script maken voor de codering van gegevens voor een streepjescode voor papieren formulieren voor meer informatie.

Gebruik de opties op het tabblad Waarde van het palet Object om op te geven hoe het object Streepjescode op formulier gegevens verkrijgt. U kunt ook opgeven of de gegevens worden gecomprimeerd voordat ze worden gecodeerd.

Automatisch een script genereren om gegevens voor een streepjescode te coderen

  1. Selecteer de streepjescode voor papieren formulieren in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Waarde en schakel de optie Automatische scripts in.

  3. Selecteer een van de volgende opties in de lijst Indeling:

    • XML

    • Gescheiden.

  4. (Optioneel) Selecteer Veldnamen opnemen en Label opnemen.

  5. Selecteer een van de volgende opties in de lijst Toepassen op:

    • Volledige formuliergegevens

    • Gegevens verzameling. Selecteer de verzameling in het menu Verzameling.

Gegevens comprimeren voordat ze worden gecodeerd

  1. Selecteer de streepjescode voor papieren formulieren in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Waarde en selecteer Gegevens comprimeren vóór codering.

Een aangepast script maken voor de codering van gegevens voor een streepjescode voor papieren formulieren

In situaties waarin u zich aan overheidsvoorschriften of andere voorschriften voor het coderen van gegevens moet houden, voldoen de vooraf ingestelde opties voor de codering van gegevens mogelijk niet aan de eisen. Met de optie Aangepast kunt u een eigen script opgeven voor het coderen van de gegevens. Het script kan eenvoudig zijn, zoals in dit voorbeeld:

this.rawValue=NumericField1.rawValue

Ook kunt u een ingewikkelder script maken waarin wordt bepaald welke velden op basis van bepaalde voorwaarden worden gecodeerd.

  1. Selecteer het object Streepjescode op formulier in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Waarde en schakel Automatisch uitvoeren van scripts uit.

  3. In de Scripteditor kunt u het voorbeeldscript wijzigen of zelf een script schrijven.

Zo bevat de volgende voorbeeldcode het JavaScript-script dat is vereist om de veldwaarden van een formulier op te halen, een tekenreeks in te delen van een CSV-exemplaar (met door komma's gescheiden waarden) waarin de formuliervelden zijn opgenomen, en een streepjescode voor papieren formulieren bij te werken voor een interactief PDF-formulier. Het formulier bevat velden met de naam accountNum, formerFirstName, formerMiddleInitial, formerLastName, newFirstName, newMiddleInitial en newLastName.

// This function ensures that the barcode will update 
// when a change is made to any field on the form. 
function depends(node) 
{ 
for (var i = 0; i < node.nodes.length; ++i) 
{ 
var child = node.nodes.item(i); 
if (child.isContainer) 
depends(child); 
} 
} 
// Return a field surrounded by quotes and followed with a separator 
function fmtField(fieldName, separator) 
{ 
      var str = "\"" + fieldName.rawValue + "\"" + separator; 
      return str; 
} 
// Force all fields in the form to be updated in the dataset 
depends(xfa.form);  
// Generate the CSV string that will be encoded in the barcode 
var comma = ","; 
var newLine = "\n"; 
var s = fmtField(accountNum, comma); 
s += fmtField(formerFirstName, comma) 
s += fmtField(formerMiddleInitial, comma); 
s += fmtField(formerLastName, comma); 
s += fmtField(newFirstName, comma) 
s += fmtField(newMiddleInitial, comma); 
s += fmtField(newLastName, newLine); 
// Assign the string to the barcode for encoding 
this.rawValue = s;

Oudere coderingsindeling gebruiken

Standaard gebruikt Designer een nieuwe coderingsindeling waarbij de XFA JavaScript-functie xfa.record.saveXML() wordt toegepast om met XML gecodeerde gegevens te genereren. U kunt echter nog wel de oudere coderingsindeling gebruiken waarbij de oude functie xfa.datasets.saveXML() wordt toegepast. U moet bijvoorbeeld formulieren verwerken met streepjescodegegevens in een toepassing die alleen de oude XML-indeling kan parseren.

De oudere coderingsindeling wordt gebruikt in XML-scripts voor streepjescodes voor papieren formulieren in Designer 7.0 tot en met 8.0. De optie Oudere indeling gebruiken wordt automatisch geselecteerd wanneer u een formulier opent met de oudere coderingsindeling.

  1. Selecteer het object Streepjescode op formulier in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Waarde.

  3. Selecteer XML in de lijst Indeling en klik op Oudere indeling gebruiken.

Een scheidingsteken opgeven

U kunt het scheidingsteken opgeven voor het scheiden van veldgegevens, zoals veldnamen, veldwaarden en streepjescodelabels.

Bij alle scheidingstekens behalve regelterugloop begint de eerste regel met de optionele koptekst van het streepjescodelabel, gevolgd door de namen van de formulierobjecten met aan het eind een scheidingsteken en een teken voor nieuwe regel. De tweede regel begint met het streepjescodelabel, dat standaard een GUID (globally unique identifier) is, gevolgd door de formulierobjectgegevens met aan het eind een scheidingsteken en een teken voor nieuwe regel.

Bij regelterugloop als scheidingstekens worden veldnamen, streepjescodelabels en veldwaarden op meerdere regels vermeld. De veldnamen komen het eerst, elk op een afzonderlijke regel, gevolgd door een regelterugloop, een teken voor nieuwe regel, en daarna de veldwaarden, elk op een afzonderlijke regel.

Als een veldnaam of waarde in het formulier leeg is, wordt met het coderingsscript voor streepjescodes een scheidingsteken ingevoegd en wordt de volgende veldnaam of waarde gecodeerd. De streepjescodegegevens bevatten geen spaties of enige speciale markering als tijdelijke aanduiding voor de lege tekst.

Opmerking: Bij alle typen scheidingstekens kunt u instellen of veldnamen en streepjescodelabels in de streepjescode-inhoud worden opgenomen door de opties Veldnamen opnemen en Label opnemen te selecteren op het tabblad Waarde in het palet Object.

U kunt onjuiste coderingsresultaten voorkomen wanneer u scheidingstekens als indeling voor een streepjescode voor papieren formulieren kiest, door te zorgen dat het scheidingsteken dat u selecteert, geen deel uitmaakt van de tekstuele inhoud van het formulier. Kies dus niet een scheidingsteken dat kan voorkomen in de veldwaarde van de streepjescode voor het papieren formulier. Als u bijvoorbeeld tab, komma of spatie als scheidingsteken kiest, mag de inhoud van de formuliervelden die u codeert geen tabs, komma's of spaties bevatten, anders werkt de decoder niet correct.

U kunt altijd een ander teken als scheidingsteken kiezen als de inhoud van het formulier verandert en het oorspronkelijke scheidingsteken daardoor in de inhoud voorkomt.

Opmerking: Het wordt afgeraden de optie Regelterugloop te selecteren als scheidingsteken omdat het teken voor regelterugloop al in de streepjescodewaarden voor papieren formulieren wordt gebruikt als scheidingsteken voor koptekst- en waarderijen.
  1. Selecteer het object Streepjescode op formulier in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Waarde.

  3. Selecteer Gescheiden in de lijst Indeling en selecteer het gewenste type scheidingsteken in de lijst Scheidingsteken.

Tekencodering opgeven

U kunt de tekencodering opgeven van de waarde die in een streepjescode is gecodeerd.

  1. Selecteer het object Streepjescode op formulier in het formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Waarde.

  3. Selecteer de gewenste optie in de lijst Tekencodering.