U kunt het scheidingsteken opgeven voor het scheiden van veldgegevens, zoals veldnamen, veldwaarden en streepjescodelabels.
Bij alle scheidingstekens behalve regelterugloop begint de eerste regel met de optionele koptekst van het streepjescodelabel, gevolgd door de namen van de formulierobjecten met aan het eind een scheidingsteken en een teken voor nieuwe regel. De tweede regel begint met het streepjescodelabel, dat standaard een GUID (globally unique identifier) is, gevolgd door de formulierobjectgegevens met aan het eind een scheidingsteken en een teken voor nieuwe regel.
Bij regelterugloop als scheidingstekens worden veldnamen, streepjescodelabels en veldwaarden op meerdere regels vermeld. De veldnamen komen het eerst, elk op een afzonderlijke regel, gevolgd door een regelterugloop, een teken voor nieuwe regel, en daarna de veldwaarden, elk op een afzonderlijke regel.
Als een veldnaam of waarde in het formulier leeg is, wordt met het coderingsscript voor streepjescodes een scheidingsteken ingevoegd en wordt de volgende veldnaam of waarde gecodeerd. De streepjescodegegevens bevatten geen spaties of enige speciale markering als tijdelijke aanduiding voor de lege tekst.
Opmerking: Bij alle typen scheidingstekens kunt u instellen of veldnamen en streepjescodelabels in de streepjescode-inhoud worden opgenomen door de opties Veldnamen opnemen en Label opnemen te selecteren op het tabblad Waarde in het palet Object.
U kunt onjuiste coderingsresultaten voorkomen wanneer u scheidingstekens als indeling voor een streepjescode voor papieren formulieren kiest, door te zorgen dat het scheidingsteken dat u selecteert, geen deel uitmaakt van de tekstuele inhoud van het formulier. Kies dus niet een scheidingsteken dat kan voorkomen in de veldwaarde van de streepjescode voor het papieren formulier. Als u bijvoorbeeld tab, komma of spatie als scheidingsteken kiest, mag de inhoud van de formuliervelden die u codeert geen tabs, komma's of spaties bevatten, anders werkt de decoder niet correct.
U kunt altijd een ander teken als scheidingsteken kiezen als de inhoud van het formulier verandert en het oorspronkelijke scheidingsteken daardoor in de inhoud voorkomt.
Opmerking: Het wordt afgeraden de optie Regelterugloop te selecteren als scheidingsteken omdat het teken voor regelterugloop al in de streepjescodewaarden voor papieren formulieren wordt gebruikt als scheidingsteken voor koptekst- en waarderijen.
Selecteer het object Streepjescode op formulier in het formulierontwerp.
Klik in het palet Object op het tabblad Waarde.
Selecteer Gescheiden in de lijst Indeling en selecteer het gewenste type scheidingsteken in de lijst Scheidingsteken.