|
Het voorbeeldformulier voor E-Ticket demonstreert en legt het gedrag uit van een dynamisch PDF-formulier voor afdrukken. Het voorbeeldformulier bevat genummerde opmerkingen, die worden weergegeven als zwarte cirkels met witte getallen. De opmerkingen worden uitgelegd in De uitvoer van E-Ticket.
Met dit formulier drukt u een aangepaste set reisdocumenten af, waaronder een vluchtschema, Amerikaans douaneformulier, medische verklaring, accommodatie-informatie en instapkaarten. De verschillende delen van de set reisdocumenten moet worden afgedrukt met verschillende afdrukstanden.
Dit voorbeeld omvat deze bestanden:
Bestand
|
Beschrijving
|
E-Ticket.xdp
|
Het Designer-formulierbestand in de map Forms.
|
E-Ticket.xml
|
XML-gegevensbestanden in de map Data.
|
E-Ticket.tif
|
Het afbeeldingsbestand in de map Images.
|
E-Ticket.pdf
|
Gegenereerde formulieren met samengevoegde gegevens in de map Outputs.
|
Het voorbeeldformulier voor E-Ticket uitvoerenOpen het bestand E-Ticket.xdp vanuit \NL\Samples\Forms\E-Ticket\Forms in Designer.
Selecteer Bestand > Formuliereigenschappen om de voorbeeldopties op te geven.
Klik op het tabblad Voorbeeld en voer de volgende taken uit:
Als u een voorbeeld wilt zien van het formulier, klikt u op het tabblad PDF-voorbeeld.
Het PDF-voorbeelduitvoerbestand in de map Outputs toont het gerenderde formulier samengevoegd met gegevens. Gebruik dit bestand om het resultaat te vergelijken met het formulier zoals getoond in het voorbeeld.
De uitvoer van E-TicketDe volgende genummerde opmerkingen corresponderen met de genummerde zwarte cirkelsymbolen op het voorbeeldformulierbestand.
Het voorblad van de set moet eenmaal worden afgedrukt in de afdrukstand Staand.
Het subformulier coverPage wordt aangeroepen door de aanwezigheid van de gegevensgroep coverPage.
Het subformulier coverPage wordt geplaatst op de staande basispagina omdat dit het eerste paginagebied is dat is gedefinieerd in de paginaset.
Het subformulier coverPage heeft een minimum aantal van 0 en een maximum aantal van 1. De opties Min. aantal en Max. aantal bevinden zich op het tabblad Binding van het object Palet.
Het afbeeldingsbestand is aan het formulier gekoppeld. De koppeling wordt geboden als de URL van een afbeeldingsobject.
In de sectie 'Items in deze set reisdocumenten' wordt een JavaScript-script gebruikt waarmee het bijschrift van een veld zo nodig wordt ingesteld op meervoud.
Opmerking: De gegevenswaarden die moeten worden afgedrukt in de diverse locaties in de reisdocumentenset, worden gemaakt als globale velden; bijvoorbeeld de velden voornaam, achternaam en initialen.
De koptekstinformatie van het vluchtschema moet worden afgedrukt vóór het vluchtschema, in de afdrukstand Liggend.
Het aantal exemplaren van het subformulier en de subformulierset en het relatietype van de subformulierset is de vereiste combinatie voor het oproepen van het subformulier flightHeader.
De subformulierset met het reisschema wordt alleen geïnstantieerd wanneer een vluchtsubformulier wordt geïnstantieerd. U doet dit door de waarde voor Min. aantal van de subformulierset in te stellen op 0. Nadat de subformulierset is geïnstantieerd, wordt het subformulier flightHeader opgeroepen, omdat het een waarde voor Min. aantal heeft van 1. Dit komt doordat het type van de subformulierset op het tabblad Subformulierset van het palet Object is ingesteld op Alle subformulieren in volgorde gebruiken.
Het subformulier flightHeader wordt gekoppeld aan de liggende basispagina. Het subformulier flightHeader wordt 'liggend' op de pagina geplaatst.
Het subformulier flightHeader is aan het vluchtsubformulier gekoppeld als het overloopopvulteken ervan. Het subformulier flightHeader moet boven aan elke pagina worden afgedrukt in het gedeelte Vluchtschema. Het veld Gegevensbinding op het tabblad Binding van het palet Object is ingesteld op Globale gegevens gebruiken, omdat de informatie moet worden herhaald.
De vluchten zijn specifiek voor deze set reisdocumenten en kunnen per vluchtschema verschillen.
Het vluchtensubformulier wordt opgeroepen door de aanwezigheid van de gegevensgroepvlucht. Het vluchtsubformulier heeft een waarde voor Min. aantal van 0 en een onbeperkte maximale voorvalwaarde. Dit betekent dat het alleen wordt geïnstantieerd wanneer er gegevens voor beschikbaar zijn en dat het zo vaak als nodig wordt herhaald om de beschikbare gegevens af te drukken. De maximale waarde is onbeperkt wanneer de optie Subformulier herhalen voor elk gegevensitem is ingeschakeld en de optie Max uitgeschakeld wordt gelaten. De optie Subformulier herhalen voor elk gegevensitem bevindt zich op het tabblad Binding van het palet Object.
Het vluchtsubformulier wordt geplaatst na het vorige subformulier.
Er is een douaneformulier nodig voor elk gezin. Dit formulier moet staand worden afgedrukt.
Het douanesubformulier wordt opgeroepen door de aanwezigheid van de gegevensgroep customs.
Het douanesubformulier heeft een waarde voor Min. aantal van 0 en een Max-waarde van 1.
Het douanesubformulier is gekoppeld aan de staande basispagina. Het douanesubformulier wordt staand boven aan de pagina geplaatst en forceert zo dus een nieuwe pagina.
Er moet één medische verklaring per pagina worden afgedrukt, in de afdrukstand Staand.
Het medische subformulier wordt opgeroepen door de aanwezigheid van de gegevensgroep medical.
Het medische subformulier heeft een waarde voor Min. aantal van 0 en een onbeperkte maximale voorvalwaarde.
Het medische subformulier is gekoppeld aan de staande basispagina en wordt staand boven aan de staande pagina geplaatst en forceert zo dus een nieuwe pagina.
Een JavaScript-script koppelt de thuisadresgegevens van de passagier. De optie Meerdere regels toestaan van het adresveld is ingeschakeld, zodat het informatieblok juist kan worden weergegeven. De optie Meerdere regels toestaan bevindt zich op het tabblad Veld van het palet Object.
De koptekstinformatie voor Accommodatie moet in de afdrukstand Liggend worden afgedrukt vóór het overzicht van de hotels.
Het aantal exemplaren van het subformulier en de subformulierset en het relatietype van de subformulierset is de vereiste combinatie voor het oproepen van het subformulier hotelHeader.
De subformulierset accomodation wordt alleen geïnstantieerd als er een hotelsubformulier is geïnstantieerd. U doet dit door de waarde voor Min. aantal van de subformulierset in te stellen op 0. Nadat de subformulierset is geïnstantieerd, wordt het subformulier hotelHeader aangeroepen, omdat het een waarde voor Min. aantal heeft van 1. Dit komt doordat het type van de subformulierset is ingesteld op Alle subformulieren in volgorde gebruiken.
Het subformulier hotelHeader is gekoppeld aan de liggende basispagina. Het subformulier hotelHeader wordt liggend op de pagina geplaatst.
Het hotelHeader subformulier is aan het hotelsubformulier gekoppeld als het overloopopvulteken ervan. Het subformulier hotelHeader moet boven aan elke pagina worden afgedrukt in het gedeelte Hotelaccommodatie. De velden worden op globaal ingesteld omdat de informatie moet worden herhaald.
Een JavaScript-script wordt gebruikt om de gegevenswaarden voor achternaam en voornaam te koppelen.
De gastadreswaarden moeten als een blok worden weergegeven. Er wordt een JavaScript-script gebruikt voor het koppelen van de gegevenswaarden.
Het hoteloverzicht is specifiek voor deze set reisdocumenten en kan per bestemming verschillen.
Het hotelsubformulier wordt opgeroepen door de aanwezigheid van de gegevensgroep hotel. Het hotelsubformulier heeft een waarde voor Min. aantal van 0 en een onbeperkte maximale voorvalwaarde. Het wordt alleen geïnstantieerd wanneer er gegevens voor beschikbaar zijn en dit wordt zo vaak als nodig is herhaald om de beschikbare gegevens af te drukken.
Het hotelsubformulier wordt geplaatst na het vorige subformulier.
De kamertypewaarden moeten als een blok worden weergegeven. Er wordt een JavaScript-script gebruikt voor het koppelen van de gegevenswaarden. Aangezien de waarde van het veld roomName wordt berekend, is de optie Gegevensbinding ingesteld op Geen gegevensbinding.
Er moet één instapkaart worden afgedrukt per pagina, in de afdrukstand Liggend.
Het instapkaartsubformulier wordt opgeroepen door de aanwezigheid van de gegevensgroep boarding.
Het instapkaartsubformulier heeft een waarde voor Min. aantal van 0 en een onbeperkte maximale voorvalwaarde. Dit betekent dat het alleen wordt geïnstantieerd wanneer er gegevens voor beschikbaar zijn en dat het zo vaak als nodig wordt herhaald om de beschikbare gegevens af te drukken.
Het instapkaartsubformulier is gekoppeld aan de liggende basispagina. Het instapkaartsubformulier wordt liggend boven aan de pagina geplaatst en forceert zo dus een nieuwe pagina.
|
|
|