|
Wanneer u een numeriek veld maakt, vindt u op het tabblad Binding de opties voor de gegevenskoppeling die u op het object kunt toepassen. Opties die niet rechtstreeks samenhangen met het maken van een gegevensverbinding, gelden zowel voor gegevens die zijn gebonden aan een gegevensbron als voor gegevens die zijn opgeslagen naar een bestand, wanneer het object niet is gebonden aan een gegevensbron.
GegevensbindingHiermee stelt u de standaardmethode voor de gegevensbinding in:
- Naam gebruiken
- De opties voor het samenvoegen en opslaan van gegevens worden ingeschakeld. De gegevenswaarden worden samengevoegd en opgeslagen volgens de Adobe-regels voor het samenvoegen van gegevens.
- Globale gegevens gebruiken
- Eén gegevenswaarde wordt gekoppeld aan alle objecten met dezelfde naam (zie Een globaal veld definiëren).
- Nieuwe gegevensverbinding
- De wizard Nieuwe gegevensverbinding wordt gestart. Zie Verbinding maken met een XML-schema of Verbinding maken met een OLE-database als u een verbinding wilt definiëren met de wizard.
- Geen gegevensbinding
- De gegevensbinding wordt uitgeschakeld. Aangezien er met dit object geen samengevoegde gegevens worden vastgelegd of weergegeven, wordt de informatie die aan dit object is gekoppeld niet als uitvoer weggeschreven wanneer de formuliergegevens worden opgeslagen of verzonden.
GegevensindelingHiermee geeft u de indeling op voor de gegevens. Zie Een gegevenspatroon instellen:
- Zwevend
- Een uit drie delen bestaande weergave van een getal dat een decimaalteken bevat. Het nummer wordt weergegeven met de volgende onderdelen: een teken, een cijfer en een decimaalteken. Enkele voorbeelden van cijfers met een zwevende komma zijn 4,23423412, 1234,1234234 of 4,00. Houd er rekening mee dat in sommige landen het decimaalteken niet een komma is. Bijvoorbeeld in de landinstelling Engels (VS) is het decimaalteken een punt, zoals in 1234.1234.
- Geheel getal
- Elke reeks van de cijfers 0 tot en met 9, mogelijk voorafgegaan door een minteken. Het getal kan bijvoorbeeld een positief getal (zoals 1, 2 of 3), een nul of een negatief geheel getal (zoals -1, -2 of -3) zijn.
|
|
|