C

canonicale notatie

Een standaardmanier voor het uitschrijven van een formule. De twee formules 9 + x en x + 9 worden bijvoorbeeld gezien als equivalent omdat ze hetzelfde resultaat opleveren, maar de tweede formule heeft een 'canonicale notatie', omdat deze op de gebruikelijke manier is uitgeschreven, namelijk met de hoogste macht (x) vooraan. Meestal zijn er vaste regels die u kunt gebruiken om vast te stellen of iets in canonicale notatie is geschreven. Zaken die canonicaal worden geschreven, zijn gemakkelijker te vergelijken.

In de volgende tabel worden de verschillende veldtypen en hun canonicale notatie beschreven. Waarden tussen rechte haken zijn optioneel. Valuta- en groeperingstekens zijn niet toegestaan in een canonicale notatie.

Veldtype

Beschrijving

Canonicale notatie

Voorbeeld

Datumvelden

Een datumtekenreeks in overeenstemming met ISO-8601/XFA.

YYYY[-MM[-DD]]

YYYY[MM[DD]]

2005-07-04

20050704

Datum-/tijdvelden

Een datum-/tijdwaarde in overeenstemming met ISO-8601/XFA. Deze waarde bestaat uit de aaneenschakeling van een datumtekenreeks die voldoet aan ISO-8601/XFA en een tijdtekenreeks die voldoet aan ISO-8601/XFA, met de letter 'T' als scheidingsteken tussen de tekenreeksen voor de datum en tijd.

 

2004-07-04T10:11:12+05:00

20040704T101112

Numerieke velden

Een reeks ASCII-tekens die bestaat uit een waarde voor het decimaalteken, een decimaalteken, een waarde achter het decimaalteken en optioneel een e (of E) en een exponent met een voorteken (negatief of positief).

 

12

1.234

.12

1e-2

1.2E3

Tekstvelden

Een reeks Unicode-tekens zonder spaties.

 

A1B2C3

Weergavepatroon: A9A 9A9

Opgemaakte waarde: A1B 2C3

Tijdvelden

Een tijdtekenreeks in overeenstemming met ISO-8601/XFA.

HH[:MM[:SS[.FFF][Z]]]

HH[:MM[:SS[.FFF][+HH[:MM]]]]

HH[:MM[:SS[.FFF][-HH[:MM]]]]

HH[MM[SS[.FFF][Z]]]

HH[MM[SS[.FFF][+HH[MM]]]]

HH[MM[SS[.FFF][-HH[MM]]]]

10:11:12.123+05:00

101112+0500

10:11:12Z

10:11

10

certificate

Een openbare sleutel die samen met een persoonlijke sleutel wordt gebruikt voor versleuteling en ondertekening. Zie ook Adobe Certified Document.

client

De toepassing of persoon die verzoeken verzendt in een client/server-systeem. Een webbrowser is een voorbeeld van een clienttoepassing.

persoonlijke sleutel

Een code die ten behoeve van herkenning wordt gebruikt bij versleuteling en ondertekening.

Boven