Gegevens verzenden met behulp van een knop

U kunt een knop aan een formulier toevoegen, zodat invullers van het formulier de informatie of gegevens die zij in de verschillende velden invoeren, kunnen verzenden. Het palet Objectbibliotheek bevat drie knopobjecten die u kunt gebruiken voor het verzenden van formuliergegevens. Dit zijn de objecten Knop, Knop E-mail verzenden en Knop HTTP verzenden.

Als u de eigenschappen van een knop voor het verzenden van gegevens wilt definiëren, selecteert u het knopobject in de Indelingseditor en selecteert u vervolgens de gewenste opties op het tabblad Verzenden of Veld van het palet Object. Bij het object Knop selecteert u eerst de optie Verzenden in de sectie Type besturingselement op het tabblad Veld om de opties voor gegevensverzending op het tabblad Verzenden weer te geven. Bij de objecten Knop E-mail verzenden en Knop HTTP verzenden bevinden de opties voor gegevensverzending zich op het tabblad Veld.

Elke knop voor verzenden biedt opties voor verschillende doeleinden. Gebruik bijvoorbeeld de objecten Knop en Knop HTTP verzenden als u gegevens naar een URL wilt verzenden. Als u de gegevens echter wilt verzenden als XML-gegevenspakket (XDP) met bijlagen, zoals annotaties, PDF-documenten of handtekeningen, gebruikt u het object Knop.

Gebruik het object Knop als u formuliergegevens in XML-gegevenspakketindeling (XDP), PDF-indeling, XML-gegevensindeling (XML) of voor URL’s gecodeerde gegevensindeling naar een URL wilt verzenden. Het object Knop is de enige knop die opties biedt voor het opnemen van bijlagen, zoals annotaties, sjablonen en PDF’s. U kunt het object Knop ook gebruiken voor het verzenden van gegevens per e-mail met behulp van het mailto-protocol.

Gebruik het object Knop E-mail verzenden als u gegevens in XDP- of PDF-indeling naar een e-mailadres wilt verzenden.

Gebruik het object Knop HTTP als u gegevens in een voor URL’s gecodeerde indeling naar een URL wilt verzenden.

Alle drie de knoppen bieden opties voor het ondertekenen en coderen van verzonden gegevens.

Een knop toevoegen voor het verzenden van een XML-gegevenspakket (XDP) naar een URL

  1. Voeg een object van het type Knop toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Selecteer Verzenden in het gebied Type. De gegevens worden verzonden met de instellingen die op het tabblad Verzenden zijn opgegeven.

  4. Klik op het tabblad Verzenden en typ het URL-protocol in het vak Verzenden naar URL.

    Naar

    Gebruikt u dit URL-protocol

    Voorbeeld

    Het pakket verzenden naar een FTP-site

    ftp

    ftp://ftp.gnu.org/gnu/GPL

    Het pakket verzenden naar een webserver

    http

    http://mijnserver/cgi-bin/

    Het pakket verzenden naar een beveiligde webserver

    https

    https://mijnserver/cgi-bin/

    Opmerking: Als u gegevens naar een URL verzendt, is het raadzaam een absolute doelverwijzing op te geven. Relatieve doelverwijzingen worden geïnterpreteerd in functie van de omgeving van de gebruiker, en deze kan tijdens het gebruik verschillen van de ene gebruiker tot de andere.
  5. Selecteer XML-gegevenspakket (XDP) in de lijst Verzenden als.

    Met deze indelingen wordt verwerking op de server gestart. Met de optie XML-gegevenspakket (XDP) worden de formuliergegevens verzonden en eventueel andere gegevens opgenomen, zoals het formulierontwerp, annotaties en handtekeningen, die nodig zijn om het formulier met Forms te genereren tijdens runtime. U kunt alleen bijlagen opnemen bij XDP-bestanden.

  6. (Optioneel) Als u een handtekening op de verzonden gegevens wilt toepassen, schakelt u de optie Verzending ondertekenen in en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste handtekeninginstellingen te selecteren.

  7. (Optioneel) Als u XML-versleuteling op de formulierinhoud wilt toepassen, selecteert u Verzending versleutelen en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste versleutelingsinstellingen te selecteren.

  8. Selecteer onder Opnemen de typen bijlagen die u wilt opnemen:

    • Als u revisieopmerkingen, knopinfo en alle andere speciale codes wilt opnemen die nodig zijn om schermlezertekst vast te leggen, selecteert u Annotaties.

    • Als u een PDF-versie van het formulier wilt opnemen (inclusief handtekeningen) wanneer het als bijlage wordt verzonden, selecteert u PDF (inclusief handtekeningen). Anders wordt een verwijzing naar een ingesloten PDF-bestand opgenomen.

    • Als u een kopie van het formulierontwerp wilt opnemen, selecteert u Sjabloon.

    • Als u een of meer <xdp>-elementen in het XDP-bronbestand wilt opnemen, selecteert u Overige. De opgegeven elementen moeten van elkaar worden gescheiden door komma's, en spaties zijn optioneel. Bijvoorbeeld: xci, xslt, sourceset

  9. Selecteer in de lijst Gegevenscodering een van de schema's voor gegevenscodering:

    • UTF-8

    • UTF-16

    • Shift_JIS

    • Big5

    • GBK

    • KSC_5601

Een knop toevoegen om een ingesloten PDF naar een URL te verzenden

  1. Voeg een object van het type Knop toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Selecteer Verzenden in het gebied Type. De gegevens worden verzonden met de instellingen die op het tabblad Verzenden zijn opgegeven.

  4. Klik op het tabblad Verzenden en typ het URL-protocol in het vak Verzenden naar URL.

    Naar

    Gebruikt u dit URL-protocol

    Voorbeeld

    Het pakket verzenden naar een FTP-site

    ftp

    ftp://ftp.gnu.org/gnu/GPL

    Het pakket verzenden naar een webserver

    http

    http://mijnserver/cgi-bin/

    Het pakket verzenden naar een beveiligde webserver

    https

    https://mijnserver/cgi-bin/

    Het pakket verzenden naar een e-mailadres

    mailto

    mailto:gebruikersnaam@domein.nl

    Opmerking: Als u gegevens naar een URL verzendt, is het raadzaam een absolute doelverwijzing op te geven. Relatieve doelverwijzingen worden geïnterpreteerd in functie van de omgeving van de gebruiker, en deze kan tijdens het gebruik verschillen van de ene gebruiker tot de andere.
  5. Selecteer PDF in de lijst Verzenden als.

    Met deze indeling wordt een pakket verzonden dat een ingesloten PDF-bestand bevat.

    Kies deze indeling als het formulier een handtekeningveld bevat of als u een kopie van het formulier met de bijbehorende gegevens wilt opslaan in Forms of deze naar een ander type doelserver wilt verzenden. Kies deze optie niet als het formulier verwerkingen op de server initieert, en als Forms wordt gebruikt om HTML-formulieren of dynamische formulieren bij uitvoering te genereren. Houd er rekening mee dat u als u gegevens in PDF-indeling wilt versturen, het gebruiksrecht Opslaan moet worden toegepast op het formulier dat Reader Extensions gebruikt. Er kunnen alleen gegevens worden verzonden als het gebruiksrecht Opslaan is toegepast op het formulier.

  6. (Optioneel) Als u een handtekening op de verzonden gegevens wilt toepassen, schakelt u op het tabblad Veld de optie Verzending ondertekenen in en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste handtekeninginstellingen te selecteren.

  7. (Optioneel) Als u XML-versleuteling op de formulierinhoud wilt toepassen, selecteert u Verzending versleutelen en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste versleutelingsinstellingen te selecteren.

Een knop voor het verzenden van e-mail toevoegen om een ingesloten PDF naar een e-mailadres te verzenden

  1. Voeg een object van het type Knop E-mail verzenden toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Typ in het vak E-mailadres het e-mailadres waarnaar u de PDF wilt verzenden.

  4. (Optioneel) Typ het onderwerp voor het e-mailbericht in het vak E-mailonderwerp.

  5. Selecteer PDF in de lijst Verzenden als.

    Met deze indeling wordt een pakket verzonden dat een ingesloten PDF-bestand bevat.

    Kies deze indeling als het formulier een handtekeningveld bevat of als u een kopie van het formulier met de bijbehorende gegevens wilt opslaan in Forms of deze naar een ander type doelserver wilt verzenden. Kies deze optie niet als het formulier verwerkingen op de server initieert, en als Forms wordt gebruikt om HTML-formulieren of dynamische formulieren bij uitvoering te genereren. Houd er rekening mee dat u als u gegevens in PDF-indeling wilt versturen, het gebruiksrecht Opslaan moet worden toegepast op het formulier dat Reader Extensions gebruikt. Er kunnen alleen gegevens worden verzonden als het gebruiksrecht Opslaan is toegepast op het formulier.

  6. (Optioneel) Als u een handtekening op de verzonden gegevens wilt toepassen, schakelt u op het tabblad Veld de optie Verzending ondertekenen in en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste handtekeninginstellingen te selecteren.

  7. (Optioneel) Als u XML-versleuteling op de formulierinhoud wilt toepassen, selecteert u Verzending versleutelen en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste versleutelingsinstellingen te selecteren.

Een knop toevoegen voor het verzenden van een XML-gegevens naar een URL

  1. Voeg een object van het type Knop toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Selecteer Verzenden in het gebied Type. De gegevens worden verzonden met de instellingen die op het tabblad Verzenden zijn opgegeven.

  4. Klik op het tabblad Verzenden en typ het URL-protocol in het vak Verzenden naar URL.

    Naar

    Gebruikt u dit URL-protocol

    Voorbeeld

    Het pakket verzenden naar een FTP-site

    ftp

    ftp://ftp.gnu.org/gnu/GPL

    Het pakket verzenden naar een webserver

    http

    http://mijnserver/cgi-bin/

    Het pakket verzenden naar een beveiligde webserver

    https

    https://mijnserver/cgi-bin/

    Het pakket verzenden naar een e-mailadres

    mailto

    mailto:gebruikersnaam@domein.nl

    Opmerking: Als u gegevens naar een URL verzendt, is het raadzaam een absolute doelverwijzing op te geven. Relatieve doelverwijzingen worden geïnterpreteerd in functie van de omgeving van de gebruiker, en deze kan tijdens het gebruik verschillen van de ene gebruiker tot de andere.
  5. Selecteer XML-gegevens (XML) in de lijst Verzenden als.

    Met deze indeling wordt een XML-gegevensstroom verzonden, waardoor de hiërarchische weergave van gegevens mogelijk is en de gegevens door alle normale XML-parsers kunnen worden ontleed. Kies deze indeling als de server die in verbinding staat met de toepassing van de gebruiker waarin het formulier wordt gebruikt, een XML-gegevensstroom moet ontvangen.

  6. (Optioneel) Als u een handtekening op de verzonden gegevens wilt toepassen, schakelt u op het tabblad Veld de optie Verzending ondertekenen in en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste handtekeninginstellingen te selecteren.

  7. (Optioneel) Als u XML-versleuteling op formulierinhoud wilt toepassen, selecteert u Verzending versleutelen en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste versleutelingsinstellingen te selecteren.

  8. Kies in de lijst Codering een van de schema's voor de gegevenscodering:

    • UTF-8

    • UTF-16

    • Shift_JIS

    • Big5

    • GBK

    • KSC_5601

Een knop voor het verzenden van e-mail toevoegen om een XML-gegevens naar een e-mailadres te verzenden

  1. Voeg een object van het type Knop E-mail verzenden toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Typ in het vak E-mailadres het e-mailadres waarnaar u de PDF wilt verzenden.

  4. (Optioneel) Typ het onderwerp voor het e-mailbericht in het vak E-mailonderwerp.

  5. Selecteer XML-gegevens (XML) in de lijst Verzenden als.

    Met deze indeling wordt een XML-gegevensstroom verzonden, waardoor de hiërarchische weergave van gegevens mogelijk is en de gegevens door alle normale XML-parsers kunnen worden ontleed. Kies deze indeling als de server die in verbinding staat met de toepassing van de gebruiker waarin het formulier wordt gebruikt, een XML-gegevensstroom moet ontvangen.

  6. (Optioneel) Als u een gegevenshandtekening op de verzonden gegevens wilt toepassen, schakelt u op het tabblad Veld de optie Verzending ondertekenen in en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste handtekeninginstellingen te selecteren.

  7. (Optioneel) Als u XML-versleuteling op formulierinhoud wilt toepassen, selecteert u Verzending versleutelen en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste versleutelingsinstellingen te selecteren.

Een knop toevoegen om XML-gegevens naar een e-mailadres te verzenden

  1. Voeg een object van het type Knop toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Selecteer Verzenden in het gebied Type. De gegevens worden verzonden met de instellingen die op het tabblad Verzenden zijn opgegeven.

  4. Klik op het tabblad Verzenden en typ in het vak Verzenden naar URL het mailto-protocol, zoals in het volgende voorbeeld:

    mailto:username@domain.com
  5. Selecteer XML-gegevens (XML) in de lijst Verzenden als.

    Met deze indeling wordt een XML-gegevensstroom verzonden, waardoor de hiërarchische weergave van gegevens mogelijk is en de gegevens door alle normale XML-parsers kunnen worden ontleed. Kies deze indeling als de server die in verbinding staat met de toepassing van de gebruiker waarin het formulier wordt gebruikt, een XML-gegevensstroom moet ontvangen.

  6. (Optioneel) Als u een gegevenshandtekening op de verzonden gegevens wilt toepassen, schakelt u op het tabblad Veld de optie Verzending ondertekenen in en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste handtekeninginstellingen te configureren.

  7. (Optioneel) Als u XML-versleuteling op formulierinhoud wilt toepassen, selecteert u Verzending versleutelen en klikt u vervolgens op Instellingen om de gewenste versleutelingsinstellingen te configureren.

  8. Kies in de lijst Codering een van de schema's voor de gegevenscodering:

    • UTF-8

    • UTF-16

    • Shift_JIS

    • Big5

    • GBK

    • KSC_5601

Een knop toevoegen om een tekststroom te verzenden via de methode POST

  1. Voeg een object van het type Knop toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Selecteer Verzenden in het gebied Type. De gegevens worden verzonden met de instellingen die op het tabblad Verzenden zijn opgegeven.

  4. Klik op het tabblad Verzenden en typ het URL-protocol in het vak Verzenden naar URL.

    Naar

    Gebruikt u dit URL-protocol

    Voorbeeld

    Het pakket verzenden naar een FTP-site

    ftp

    ftp://ftp.gnu.org/gnu/GPL

    Het pakket verzenden naar een webserver

    http

    http://mijnserver/cgi-bin/

    Het pakket verzenden naar een beveiligde webserver

    https

    https://mijnserver/cgi-bin/

    Het pakket verzenden naar een e-mailadres

    mailto

    mailto:gebruikersnaam@domein.nl

    Opmerking: Als u gegevens naar een URL verzendt, is het raadzaam een absolute doelverwijzing op te geven. Relatieve doelverwijzingen worden geïnterpreteerd in functie van de omgeving van de gebruiker, en deze kan tijdens het gebruik verschillen van de ene gebruiker tot de andere.
  5. Selecteer URL-gecodeerde gegevens (HTTP Post) in de lijst Verzenden als.

    Met deze indeling wordt met de POST-methode een tekststroom verzonden naar het opgegeven URL-adres (Uniform Resource Locator). De tekststroom kan door een FTP-server, een mailserver, een webserver of een CGI-script waarmee HTML-formulieren worden verwerkt, worden geïnterpreteerd en ontleed. Gebruikers die deze methode willen gebruiken, moeten het formulier openen in Adobe Reader 6.0 of hoger of in een webbrowser, tenzij voor het URL-adres het mailto-protocol is opgegeven.

  6. Kies in de lijst Codering een van de schema's voor de gegevenscodering:

    • UTF-8

    • UTF-16

    • Shift_JIS

    • Big5

    • GBK

    • KSC_5601

Een knop toevoegen om versleutelde formulierinhoud naar een e-mailadres te verzenden

  1. Voeg een object van het type Knop E-mail verzenden toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Typ in het vak E-mailadres het e-mailadres waarnaar u wilt verzenden.

  4. (Optioneel) Typ het onderwerp in het vak E-mailonderwerp.

  5. Selecteer in de lijst Verzenden als PDF of XML-gegevens (XML).

  6. Selecteer Verzending versleutelen en klik op Instellingen.

  7. Selecteer in het dialoogvenster Instellingen voor versleuteling en verzending van gegevens de opties die u nodig hebt. Zie Gegevens ondertekenen en instellingen verzenden, dialoogvenster.

Een knop toevoegen om versleutelde en gecodeerde formulierinhoud naar een e-mailadres te verzenden

  1. Voeg een object van het type Knop toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Selecteer Verzenden in het gebied Type. De gegevens worden verzonden met de instellingen die op het tabblad Verzenden zijn opgegeven.

  4. Klik op het tabblad Verzenden en typ in het vak Verzenden naar URL het mailto-protocol, zoals in het volgende voorbeeld:

    mailto:username@domain.com
  5. Selecteer in de lijst Verzenden als een van de opties PDF of XML-gegevens (XML).

  6. Selecteer Verzending versleutelen en klik op Instellingen.

  7. Selecteer in het dialoogvenster Instellingen voor versleuteling en verzending van gegevens de opties die u nodig hebt. Zie Gegevens ondertekenen en instellingen verzenden, dialoogvenster.

  8. Kies in de lijst Codering een van de schema's voor de gegevenscodering:

    • UTF-8

    • UTF-16

    • Shift_JIS

    • Big5

    • GBK

    • KSC_5601

Een HTTP-knop toevoegen om versleutelde formulierinhoud naar een URL te verzenden

  1. Voeg een Knop HTTP verzenden, object, toe aan het formulierontwerp. Zie Objecten toevoegen aan een formulierontwerp.

  2. Klik in het palet Object op het tabblad Subformulier.

  3. Typ in het vak URL de URL waarnaar de formuliergegevens worden verzonden.

  4. Selecteer Verzending versleutelen en klik op Instellingen.

  5. Selecteer in het dialoogvenster Instellingen voor versleuteling en verzending van gegevens de opties die u nodig hebt. Zie Gegevens ondertekenen en instellingen verzenden, dialoogvenster.