Werken met de foutopsporingsversies van Flash runtime

Flash Player 9 of hoger, Adobe AIR 1.0 of hoger

Adobe heeft speciale uitgaven van Flash runtime voor ontwikkelaars als hulp bij de foutopsporing. Wanneer u Adobe Flash Professional of Adobe Flash Builder installeert, ontvangt u daarbij ook de foutopsporingsversie van Flash Player. U ontvangt ook de foutopsporingsversie van Adobe AIR, ADL genoemd, wanneer u een van deze hulpprogramma's installeert of als onderdeel van de SDK voor Adobe AIR.

Er is een belangrijk verschil in de manier waarop de foutopsporingsversies en de releaseversies van Flash Player en Adobe AIR fouten aangeven. De foutopsporingsversies laten het fouttype zien (zoals een algemene fout, een IOError of een EOFError), het foutnummer en een leesbare foutmelding. De releaseversies laten alleen het fouttype en -nummer zien. Neem bijvoorbeeld de volgende code:

try 
{ 
    tf.text = myByteArray.readBoolean(); 
} 
catch (error:EOFError) 
{ 
    tf.text = error.toString(); 
}

Als de methode readBoolean() een EOFError genereert in de foutopsporingsversie van Flash Player, wordt de volgende melding weergegeven in het tekstveld tf: “EOFError: Error #2030: End of file was encountered.”

Dezelfde code in een releaseversie van Flash Player of Adobe AIR zou de volgende tekst weergeven: “EOFError: Error #2030.”
Opmerking: De foutopsporingsspelers zenden de gebeurtenis "allComplete" uit. Zorg er daarom voor dat u de naam “allComplete” niet gebruikt voor aangepaste gebeurtenissen. Als u dit toch doet, treedt onvoorspelbaar gedrag op tijdens de foutopsporing.

Om de resources en omvang van Flash Player tot een minimum beperkt te houden, is in de releaseversies geen tekst voor de foutmeldingen aanwezig. U kunt het nummer van de fout opzoeken in de documentatie (in de bijlagen van de Naslaggids voor ActionScript 3.0 voor het Adobe Flash-platform) om de bijbehorende foutmelding te lezen. U kunt de fout ook reproduceren met de foutopsporingsversies van Flash Player en AIR om de volledige melding te zien.